logo

Ach mevrouw hij zegt tegen alles nee

Tekeningen/achmevrouwhijzegt.png
Leren was nooit het probleem bij mij. Het onderwijs wel. Ze zijn daar zo ontzettend dom. Daar loop je altijd tegen aan. Tegen die domheid.

Meneer Voerman belde steeds vijf minuten voor de afspraak af omdat er “iets tussen was gekomen”, maar nu heeft hij even tijd gevonden om ons te vertellen dat hij absoluut niet degene is waar wij hem voor aanzien. Hij begrijpt het misverstand volkomen inderdaad, hij heeft geen baan ja, hij woont nog altijd bij zijn moeder zeker, hij heeft geen diploma’s maar, de banen die hem worden aangeboden (ik kan u stapels aanbiedingen overleggen!) lopen niet in de pas bij zijn bekwaamheden. Hij is momenteel nog “in beraad” en houdt nog even “alle opties” open. Misschien, maar alleen als alles klopt, moet hij toch de richting van zelfstandig ondernemer op.
Na het eerste gesprek waren we niet veel wijzer geworden. Zijn verhaal klopte evident niet met de feiten. Meneer Voerman had nooit gewerkt en had ook geen enkel uitzicht op werk. Geen enkele werkgever zag het in hem zitten en zelfs voor een computercursus voor beginners kwam hij niet in aanmerking. Was zijn verhaal een onhandige poging zijn falen te camoufleren, was het een kwestie van zelfoverschatting of zat er iets heel anders achter? Er hing iets raadselachtigs om meneer Voerman en het heeft lang geduurd voor we daar een vinger achter kregen. Zijn opmerking over het onderwijs wat te dom was om hem te begrijpen, brengt ons op een spoor. Alle problemen waar meneer V. tegen op loopt, worden in zijn belevenis veroorzaakt door een even domme als starre buitenwereld. Hij heeft daar zelf part noch deel aan. We beginnen,aanvankelijk nog aarzelend, aan een of andere vorm van autisme te denken.
Een bezoek aan meneer Voerman thuis moet wat meer duidelijkheid verschaffen.
Moeder en zoon blijken slecht met elkaar overweg te kunnen. Als meneer Voerman even de kamer uit is, smeekt moeder ons om hulp. Zij kan de zorg niet meer aan, maar wie moet er voor hem zorgen als zij dat niet doet? “Praten? Hij zegt al jaren geen stom woord meer tegen mij.”
Onze eerste zorg is nu de thuissituatie te verbeteren. Als de moeder zelf om hulp vraagt, wil Maatschappelijk Werk zien wat er gedaan kan worden. Zonder medeweten van meneer Voerman komt dit proces op gang.
Om meneer Voerman uit zijn isolement te helpen kaarten we zijn geval achtereenvolgend bij alle in aanmerking komende instanties aan: route 99, maatschappelijk werk, huisarts, sociaal pedagogische dienst, Autismeteam Noord ….. iedereen is het erover eens dat hulp dringend geboden is. Daar blijft het helaas bij. De vraag lijkt eerder te zijn “wie gaat erover” dan “hoe pakken we dit aan”. Da aanpak is ook ons grootste probleem. Om in aanmerking te komen voor begeleid wonen moet meneer Voerman geïndiceerd worden. Daarvoor is een psychiater nodig. Maar alleen het woord “psychiater” is al voldoende om onze moeizaam opgebouwde vertrouwensrelatie te ondermijnen.
De tijd begint te dringen, zeker als mevrouw Voerman in het ziekenhuis beland.
Gelukkig biedt TNA “Toeleiding Naar Arbeid”, een organisatie die mensen met een handicap helpt hun situatie te accepteren en steun geeft bij integratie in het arbeidsproces, uitkomst. Zij zullen in samenwerking met het Autismeteam discreet de indicatie verzorgen. Voorwaarde is wel dat meneer Voerman eerst een REA- toets doet.
De uitslag is van dien aard dat alle activiteiten voorlopig moeten worden stopgezet. Meneer Voerman moet met spoed een hartoperatie ondergaan. En daar is natuurlijk een wachtlijst voor.
Dit verhaal heeft dus een open einde. Eerst de gezondheid op orde, dan het TNA- traject, dan de thuissituatie en dan misschien een baan.
We houden de vinger aan de pols.

10 januari 2001
Terug naar publicaties
zoek