logo

Dan maar via een omweg

Tekeningen/danmaarviaeenomweg.png
Tja, het moet er natuurlijk wel professioneel uitzien allemaal. Je moet alles analoog en digitaal kunnen tapen. Filters, equalizers, een recall system. Zanginstallatie heb ik al. Je hoeft niet alles nieuw te kopen. Met zo’n twintig, vijfentwintigduizend gulden kan je de basics wel opzetten

Meneer M. Koro heeft een droom. Hij zit in een studio, zijn studio, achter een enorm mengpaneel. Koptelefoon op. Geroutineerd, bijna achteloos laat hij zijn handen over de schuiven glijden. De banden draaien. Drie tellen van nu. Hij knipt met zijn vingers en de groep start voor de eerste take. Die droom vervult hem dag en nacht. Hij is niet alleen opnameleider, maar ook producer en soms zit hij achter het drumstel of staat hij tussen de back-up zangeressen. Bloedmooie meiden natuurlijk. En wie componeerde die song? Wie dacht je? Een studio voor echte muzikanten moet het worden. Fijnproevers die kwaliteit herkennen. Een geheimtip. Als je nou echt een sound wil hebben dan moet je bij M. koro Studio zijn. Misschien niet exclusief genoeg. AFS zou beter zijn. African Sound Systems. Maar dat komt later wel.
De werkelijkheid is zoals altijd minder meeslepend. Een kelder in de binnenstad. Twee bandrecorders. Bas en gitaar moeten het met één microfoon doen. Bands die voor een demootje komen en eigenlijk niks kunnen betalen. Buren die klagen over geluidsoverlast. En nu wordt de huur ook nog verdubbeld. Daar gaan de verdiensten. Die zijn toch al niet al te hoog, driehonderd gulden in de maand als het meezit.
Meneer M. Koro weet zijn droom zo overtuigend te brengen dat we in eerste instantie besluiten met hem mee te gaan. Alle kosten op een rijtje. Een bedrijfsplan schrijven. Kijken of er voor zijn geval mogelijkheden voor financiering zijn.
Langzaam maar zeker wordt duidelijk dat een eigen studio met alles erop en eraan geen haalbare kaart is. Weliswaar is er een groot tekort aan oefenruimtes en is er een grote behoefte aan opnamefaciliteiten, maar dat vergt toch investeringen die voorlopig meneer M.Koro’s mogelijkheden ver te boven gaan.
Maar dat betekent niet dat hij zijn droom moet opgeven. Opnametechnicus in loondienst of freelance lijkt een goede tweede optie.
Meneer M. Koro moet even slikken maar gaat uiteindelijk akkoord. Zijn vrouw werkt nu nog parttime als kantinebeheerster. Maar met twee kinderen thuis en een derde op komst zal ze haar werk in de nabije toekomst moeten minderen. Dan zijn ze nog meer op de bijstand aangewezen en vervliegt de droom. Diploma’s ontbreken echter. Met een halve opleiding tot lasser kom je bij een grote studio niet voorbij de portier. We informeren naar opleidingsmogelijkheden voor geluidstechnicus. Wat hij wil is via OOG- tv niet te realiseren. Er blijkt maar één optie te zijn, een fulltime dagopleiding in Rotterdam. Er hangt een behoorlijk prijskaartje aan, dat overigens volstrekt overeen komt met de prijs van een werk/ leer- plaats in Groningen. Maar nu hij eenmaal de knop heeft omgezet, wil meneer M. Koro alles op alles zetten om deze kans te grijpen. Al moet hij daarvoor een jaar zijn gezin door de week in de steek laten. Verhuizen is niet aan de orde, dat doen ze wel als hij ergens een baan krijgt.
We gaan na of Sociale Diensten in andere steden deze opleiding bekostigen. Dat gebeurt. In de branche staat de opleiding zeer goed aangeschreven en (inter)nationale perspectieven op werk zijn er volop.
We schrijven een advies voor de dienst Sozawe om het cursusgeld en de reiskosten voor meneer M. Koro te vergoeden. Aangezien de cursus in september start, moeten we de procedure vooral in de tijd ook goed in de gaten houden.
Na nog een uitvoerige telefonische toelichting op de pro’s van het advies en de contra’s van de alternatieven komt de goedkeuring.
Meneer M. zal het zeker redden en wie weet kopen we over een paar jaar een CD en zien we op het hoesje: AFS. Meneer M. Koro is ervan overtuigd. Wij eigenlijk ook.

11 augustus 1999

Terug naar publicaties
zoek